Claes van der Asseldonck Wellen van der Asseldonk Jacob Matheus Jacobszn Jacob Hendrick Jacobszn

Metken, dochter van Claes van der Asseldonck, alias van den Bredelaer


Woonplaats: gegoed in Uden en Veghel

Geboren: omstreeks 1395
          Vader  : Claes van der Asseldonck, zoon van Wautger van den Bredelaer
          Moeder: Katharina

Overleden: omstreeks 1460


Gegevens:

1.
Omstreeks 1390 hertrouwde Claes van der Asseldonck met Katharina (ca. 1370-1455). Hun kinderen waren:
- Aert
- Elizabeth
- Metken
- Jan

2.
Genoemd in 1428-1429: Gerit, zoon van Goossen Willems, man van Met, dochter van Nycolaus van der Asteldonc.
(Bron: BP 1199 (1428-1429), fo. 202)

3.
Goossen Willem van der IJnden leefde omstreeks 1360-1430. Hij was gegoed in Erp en had de volgende kinderen (vermeld in 1445):
- Engel
- Jan
- Gerit, getrouwd met Metken, dochter van Claes van der Asseldonck
- Goossen
- Goyart
- Willem
- Heylwich, getrouwd met Meeuws Blondi
- Yda, getrouwd met Gerrit Otten
- Margriet, getrouwd met Wouter die Bye, zoon van Wouter
- Henrick
- Geertruyt, getrouwd met Corstiaen Heessels van Gemert
- Aert
- Aleyt, getrouwd met Tielman Bacx
- Kathelyn

4.
Op 8 februari 1424 deed Katharina, weduwe van wijlen Nycolaus van der Asseldonc, afstand van het vruchtgebruik in een erfpacht van 1 mud rogge, aan de kinderen van haarzelf en van Nycolaus van der Asseldonc: Arnoldus, Elisabeth, Metken en Johannes. Arnoldus, Elisabeth en Metken droegen hun rechten over aan Dirck, zoon van Arnoldus van der Stegen en beloofden de rechten van hun broer Jan te respecreren. De pacht moest elk jaar op Lichtmis betaald worden uit een perceel in Vechel, 'op Hennenberch', gelegen met:
     - een zijde : Johannes Hubrechsz
     - andere zijde: Arnoldus, zoon van wijlen Nycolaus van der Stege
     - een einde : de gemeint
     - andere einde: niet vermeld
(Bron: BP 1194 (1423-1424), fol. 70v)

5.
Op 28 augustus 1428 droeg Dirck Tielman, zoon van wijlen Aert van der Stegen bovengenoemde pacht van 1 mud rogge over aan zijn broer Claes. Dirck had die pacht verworven van Arnoldus, Elisabeth en Metta, kinderen van wijlen Nycolaus van der Asseldonck en hun broer Waltgerus.
(Bron: BP 1198 (1427-1428), fol. 100)

6.
Op 19 februari 1426 beloofde Johannes van Meerlaer, zoon van wijlen Jacobus van Meerlaer, een erfpacht van 2 mud rogge te geven aan Katharina, weduwe van wijlen Nycolaus van der Asseldonk en aan de kinderen van Katharina en Nycolaus: Arnoldus, Johannes, Elisabeth en Mette. Katharina zou de erpacht tot aan haar dood genieten, waarna die aan haar kinderen zou toekomen. De erfpacht werd betaald uit:
huis en erf en hof in Uden, 'op Meerlaer', gelegen met:
     - een zijde : Godefridus Lubrechsz
     - andere zijde: Wellen Stocmans en Henricus Rupert
'die Nuwencamp' in Uden, gelegen met
     - een zijde : Godefridus Lubrechsz
     - andere zijde: de gemeint
een perceel gelegen in ''t Goert', met:
     - een zijde : Wellen Stocmans en Arnoldus van den Bogart
     - andere zijde: Herman van Brede
een perceel genaamd 'die Ber...', gelegen op 'd' Asseldonsche camp'
     - een zijde : Henricus Thijs
     - andere zijde: Jacop Broesz
een weiland op 'Meerlaer', gelegen met:
     - een zijde : Henricus die Smit
     - andere zijde: Godefridus Lubrechs
(Bron: BP 1197 (1425-1426), fol. 72)
Afkortingen Historische sites